De hongerwinter
We leefden op suikerbiet en tulpenbollen

Langzamerhand begon het leven te veranderen. Levensmiddelen werden schaarser en allerlei vervangingsmiddelen nemen hun plaats in.

De bakker bakte “regeringsbrood” uit aardappel- en peulvruchtenmeel. Het was klef en zwaar en had een vieze, zure smaak. De kruidenier verkocht vloeibare “zoetstof” (zelf een flesje meebrengen) die een scherpe nasmaak achterliet. Bij feestelijke gelegenheden produceerde de banketbakker “amandelspijs” uit witte bonen.

De meeste mensen hadden deze stand van zaken wel min of meer zien aankomen en hadden, hoewel van overheidswege “hamsteren” afgeraden werd, wat houdbare levensmiddelen in voorraad. Zo ook mijn ouders. We noemden het “de Hamsterkist”, een grote blikken trommel waarin onder meer een aantal pakken rijst en een Edammer kaasje. Ook was er een groot blik, ik denk zo’n vier liter, met slaolie. Tijdens de hongerwinter nam ik daar wel eens een slokje uit. Mijn moeder ontdekte dat toen zij mij aan een kruisverhoor onderwierp omdat er een onverklaarbare vetvlek op mijn kraag zat.

Hoe reëel het Edammer kaasje ook was, het had bijna de status van een symbool. Zelfs in het diepst van de hongerwinter, toen we leefden op suikerbiet en tulpebollen, bleef het onaangeroerd. Het bleef immer bestemd voor “als het erger zou worden”. Het kaasje heeft de oorlog overleefd. Toen het uiteindelijk aangesneden zou worden, was het inmiddels zo hard dat er een zaag aan te pas moest komen. Plakjes snijden ging niet, we hebben weken lang brood met geraspte kaas gegeten! Brandstof was in de winter van 44/45 niet verkrijgbaar. Bomen werden omgezaagd, hout uit leegstaande huizen werd gesloopt, de houten blokjes verdwenen van tussen de tramrails.

Tussen de Zaanstraat en de spoordijk stond een hek van bielsen. Het hele hek, bijna een kilometer lang, verdween in een paar uur. Het deel dat in de grond zat, was vaak vermolmd. Mijn zusje Adri en ik hebben er heel wat van uitgegraven. We rolden de molm in oude kranten en tijdschriften en dat werd als brandstof gebruikt.

Toen het hek eenmaal weg was, waren de spoordijk en het daaraan grenzende rangeerterrein vrij toegankelijk. As en sintels van de stoom locomotieven waren gebruikt om het talud op te hogen. Wij (en vele anderen) zeefden de sintels en zochten dan de stukjes onverbrande kool daaruit.

Samen vergaarden we ongeveer een emmer vol per dag. nauwelijks genoeg om de keuken te verwarmen. Soms, als er een trein langs kwam met een menslievende bemanning (en zonder Duitse soldaten), gooide de stoker weleens een paar scheppen kool naar buiten. Dan werd het een stormloop om er iets van te krijgen.

In het begin van 1945 stonden de zaken er slecht voor. Er was nauwelijks voedsel, brandstof, schoeisel, kleding. Geen openbaar vervoer, geen transport. Geen electriciteit of gas. Mijn vader had malaria, mijn moeder fietste op een fiets met massieve banden vergeefs de boerderijen af om te proberen voedsel te kopen.

Malaria was zeker niet ongewoon in Noord Holland in die tijd. Het was een niet-tropische vorm en vooral in Amsterdam-Noord kwam het veel voor. Mijn vader's kantoor stond aan de Handelskade in het Oostelijk Havengebied, hemelsbreed vlak by "de overkant van het IJ" zoals Amsterdammers Amsterdam-Noord noemen. Met een incubatie tijd van twee weken tot tien maanden is het dus niet zo vreemd dat vader, op een moment dat zijn weerstand heel laag moet zijn geweest, ziek werd.

"De derdedaagse koorts" ook wel "koude koorts", was voor mijn zuster en mij een bron van hilariteit want het betekende dat mijn vader elke derde dag, rillend van de koorts, met een overjas aan door het huis liep om warm te blijven. Hij rilde dan zo, dat hij niet goed kon spreken en min of meer stotterde. Wij deden hem dan na en kwamen de keuken in met een jas over de schouders, de handen bibberend voor ons uit en zeiden: "H-h-h-h-a-a-l-l-l-o J-j-j-o-n-g-g-g-e-n-n-s-s-s".

Mijn ouders besloten mijn zusje en mij op te geven voor uitzending naar het Oosten. Kinderen werden gekeurd om een rangschikking voor uitzending te bepalen. Mijn moeder bracht ons naar de keuring.

Een paar dagen later kwam voor mij de uitslag: “ZEER DRINGEND GOEDGEKEURD”.


Last update: 15-01-2006 by www.herdenking.nl