Mijn ouders besloten om een aantal van hun kinderen uit Amsterdam te laten gaan.
Bij Dedemsvaart aangekomen viel er een bom vlak naast het schip.

Cornelia Magdalena Meier-Hensbergen. (Nelly van het Weeshuis).

De situatie in Amsterdam was erg slecht voor ons, en mijn ouders hadden de grootste moeite om hun gezin te voeden. Ze hadden 8 kinderen en ze probeerden er het beste van te maken. Ik was het 6e kind in hun gezin en was toen 14 jaar oud. Mijn broer Piet en zus Annie waren er al een enkele keer op uitgetrokken, om in West Friesland aan eten te komen.

Dan bleven ze 2 of 3 dagen weg en mijn moeder was al die tijd best ongerust. We moesten regelmatig boodschappen doen en daarbij moest je soms uren in de rij staan, om vervolgens met een half brood thuis te komen. Mijn moeder kon ons maar 1 boterham per dag geven. We kregen eten uit de gaarkeukens wat bestond uit bloembollen en suikerbieten.

Nelly 1937.

Nelly in 1937.

Mijn broer George zat ondergedoken bij tante Joopie omdat hij anders naar Duitsland moest om te werken of zelfs Rusland. Om de andere dag bracht hij ons wat melk. Mijn broer Teun, zat al in Duitsland bij Berlijn Spandau. We wisten dat omdat hij vandaar uit, ons een kaart gestuurd.

Mijn ouders besloten om een aantal van hun kinderen uit Amsterdam te laten gaan omdat de situatie in Amsterdam erbarmelijk was. Zo ging mijn zus Annie naar Texel, alwaar ze op 9 maart 1945 de Russische opstand mee maakte. Eerst stonden ik en vele andere Amsterdamse kinderen te wachten op de boot naar Terschelling. Maar in omstandigheden als dit hoopte je het maar. Er kwam geen boot.

Het was rond de 25 februari 1945 dat we een andere boot konden nemen richting Drenthe. De eerste nacht hebben we bij ergens bij mensen geslapen. Mogelijk was dit Hasselt maar precies weet ik het niet meer. Omdat het de volgende nacht heldere maan was, was het te gevaarlijk om verder te varen en moesten we noodgedwongen nog een nacht blijven.

De daarop volgende nacht vertrokken we weer zo rond 18:00 uur. Bij Dedemsvaart aangekomen viel er een bom vlak naast het schip. Het schip ging met allerijl aan de kant en iedereen moest van boord. Vervolgens zijn we in open vrachtwagens naar Coevorden gebracht. Ondanks dat we maar 1 deken mochten mee nemen, was dit erg koud, zeker gezien de tijd van het jaar.

Op de vrachtwagen zaten ook 2 Duitsers met geweren. In Coevorden aangekomen, werden we naar de landbouwschool gebracht, tegenover de rooms katholieke kerk. Daar werden we opgevangen door mensen van het rode kruis, die er voor zorgden dat we naar gastgezinnen werden gebracht.

Nelly in 1946 op de Pampert in Coevorden.

Nelly in 1946 op de Pampert in Coevorden.

Ik werd naar de familie Assen in de Aleida Kramersingel gebracht alwaar ik 1 nacht op een Divan moest slapen. De familie Assen had ook nog een verpleegster op kamers.

De volgende dag ben ik, samen met Janny Jonkhart, die ook op dezelfde boot zat, naar het weeshuis in de Weeshuisstraat gebracht, waar we werden opgevangen door de familie Wesseling. Ik werd o.a. gewogen op een bascule die in een aardappelschuur tegenover het weeshuis stond en ik bleek 62 pond te wegen. Binnen een week zat ik al op 72 pond en mijn conditie was aan de beterende hand. Wel moest ik de eerste tijd vetarm eten en dat was wel eens lastig, omdat het weeshuis zelf slachtte. Vele oud Coevordenaren kennen mij dan ook als Nelly van het Weeshuis.

Gedurende de rest van de oorlog bleven we in het weeshuis. Overdag gingen we naar de huishoudschool waar we handwerk deden en sokken moesten stoppen. De directrice van de huishoudschool liep dagelijks tussen de kinderen door en pikte er soms een uit. Ze keek dan echt, wie er het slechts uitzag en die kreeg dan extra te eten van haar.

Aan het einde van de oorlog, werd het weeshuis door de Duitsers in beslag genomen evenals de vakschool. Wij moesten toen, met de weesmoeder in de kelder slapen en daar lagen wij tussen de panzerfausten.

Nelly na de oorlog bij het Weeshuis.

Nelly na de oorlog bij het Weeshuis.




Last update: 26-04-2009 by www.herdenking.nl